De schoonzussen Maaike en Belinda begonnen in 2015 met het maken van betonnen potjes met cactussen. Na op een aantal markten te hebben gestaan, ontstond het idee van een conceptstore in Gouda.

“De Swanmarket was een enorm succes.” De betonnen potjes met cactussen vlogen over de toonbank en veel bezoekers dachten dat de zussen al jaren bezig waren met hun eigen bedrijfje. Niets was minder waar! “We werden gevraagd om ons product te gaan verkopen in een conceptstore. Hier konden we een gedeelte van een winkel huren, om ons product te verkopen.” Dit bracht de schoonzussen op een idee. “We gaan zelf een conceptstore beginnen in Gouda!”

“Als we een winkel willen, dan doen we dat in Gouda. Deze stad gaf ons beide echt het dorpse en gezellige gevoel. Met de mooie historische panden was dit echt de perfecte locatie.” Ze vonden een pand in de Lange Groenendaal en kregen binnen één week de sleutel. In zes weken tijd werd het pand omgebouwd tot winkel.

Het concept: ondernemers een plekje laten huren in de winkel. “Met ons grote netwerk door de Swanmarket hadden we al snel dertig plekken verhuurd.” De producten komen van ondernemers uit heel het land en zijn allemaal verschillend. “We zijn er vooral trots op, dat ondanks het grote aantal verschillende producten, sieraden, kleding, tassen, woonaccessoires, de zaak toch één geheel vormt.”

Heb ik VIA

De naam moest kort en krachtig zijn, iets waar Maaike en Belinda het al snel over eens waren. “Een familielid kwam met idee VIA. VIA betekend lange laan, wat ons deed denken aan Lange Groenendaal. Wij verkopen producten van anderen, dus via via. Uiteindelijk verzonnen we ‘heb ik’ erbij en werd het besluit genomen, Heb ik VIA. “Er ontstaat wel eens verwarring doordat VIA met hoofdletters geschreven wordt. Heb ik vla? en Heb ik viv? hebben we al een aantal keer voorbij horen komen, maar daar kunnen we wel om lachen.”

Wij kijken onze ogen uit in de winkel van Maaike en Belinda en moeten ons inhouden om niets te kopen, maar één ding is zeker, je moet hier een keer geweest zijn!

Eva van Dantzig, indebuurt